10 december, 2018

Eenvoud

Iris van Liere is leerkracht in hart en nieren. Daarnaast is ze op haar school Intern Begeleider en Kindertrainer Mindfulness. En vierde taak bestaat uit het begeleiden van PABO-studenten. Een rijk bestaan, waarvan ze geniet en dagelijks leert.

Ik vroeg haar: “Het onderwijs lijkt hopeloos vast te zitten. Wat is volgens jou ‘de oplossing’? Geen eenvoudige vraag?!”

Iris wil er wel ‘even’ induiken. Binnen enkele dagen ontvang ik een pleidooi van haar. Ze schrijft daarbij: “Ik merk dat je me stimuleert met het stellen van vragen. Ik zit met plezier achter de computer.”

Het doet mij deugd dat een simpele deugdenvraag zo inspireert. Dan kan dat op meer plaatsen? Lees maar…

Eenvoud in het onderwijs volgens Iris:

Een enquête, geïnitieerd door minister Slob. Of ik die wil in vullen, zodat er gespreksstof zal zijn op de regionale bijeenkomsten, die georganiseerd worden om Passend Onderwijs te evalueren.

De mail met die vraag komt binnen terwijl ik met verschillende gezinsvoogden en instanties, die evenveel situaties proberen te managen, aan het mailen ben. Over de voortgang van kinderen, over obstructies, over wachtlijsten en over in te kopen expertise, nu die in onze regio even ‘op’ is.

Eind november. Door de school heen gonst het opnieuw. Nu met 5 december op handen. Er staat een prachtige, oude twijfelaar in de hal. Een grote rieten stoel ernaast, waarop Pietenkleding ligt. Een klein, antiek nachtkastje aan de andere kant van het bed, waarop een statig dienblad staat met daarop een oud, tinnen servies. Kennelijk hebben we logees…

Kinderen vanaf groep 5 hebben een brief ontvangen. Dat Sinterklaas het verschrikkelijk druk heeft en niet aan het kopen en inpakken van alle cadeaus toekomt, laat staan aan persoonlijke gedichtjes. Of onze kinderen willen helpen? Een klein cadeau willen kopen en dat met aandacht willen verpakken door een surprise te maken, die past bij de persoon die op het lootje staat, dat we gaan trekken. Waarmee je laat zien dat je die ander kent.

Het valt nog niet mee, zo blijkt, om een cadeautje van een paar euro te bedenken. Een paar dagen nadat de lootjes zijn getrokken, laat ik opnieuw een briefje rond gaan, nadat we hebben gesproken over Passende Wensen. Ik zie enkele opgeluchte gezichtjes (en ook teleurgestelde, dat wel).

Dan komt, wat schuchter, één jongetje uit groep 5, die voor het eerst mee gaat doen aan de surprises, naar mij toe. “Juf, ik snap het niet zo goed. Wat is nu een surprise en wat een verpakking? Of ís de surprise de verpakking? Waar laat ik het cadeau dan? En wat bedoel je dan met die envelop met het gedicht? Moet die aan de buitenkant, of er in?” Hij kleurt een beetje.

Ik leg het uit. Ik zie aan de verwarring op zijn gezicht dat mijn uitleg te wensen overlaat. En probeer het nog eens. Tevergeefs. Inhoud en verpakking, tekst erin of eraan, het duizelt hem. Ik besluit het voor hem uit te tekenen. Vier cirkels waarin ik stapsgewijs, met weinig woorden, uitleg wat de bedoeling is. Hij knikt. Opgelucht. “Zo snap ik het tenminste, juf!”, zegt hij met zijn gebruikelijke, ondeugende bravoure.

Vandaag, met de vraag of ik de mail met de enquête van Minister Slob wil invullen, valt dat gesprek mij in.

Passend Onderwijs. Passend bij wat of bij wie? Bij elke leerling? Bij de situatie van iedere leerling? Bij portemonnee van de Minister of de gemeenten? Bij de bestaande scholen? Bij leerkrachten? Bij de opleiding van nieuwe leerkrachten? Of gewoon, passend bij de mensen die we zijn?

Laten we ons leiden door een opgelegde keuze voor de inhoud of voor de verpakking? Of laten we verpakking en inhoud naadloos in elkaar over gaan, waarbij we laten zien en merken dat we aandacht hebben voor de situatie én de persoon?  Weten we van wensen Passende Wensen te maken? Die recht doen aan de ontvanger?

Tot nu toe hebben veel van mijn collega’s en ik  ‘Passend’ voornamelijk ervaren als een ingewikkelde mal, die weinig mensen paste. Die vooral ingegeven leek door geld en nóch aan de kinderen met een extra ondersteuningsvraag, nóch aan hun ouders, nóch aan de andere kinderen recht heeft gedaan. Omkleed met eindeloze regelgeving, paarse krokodillen, die veel weg hadden van ontmoedigingsbeleid om situaties passend te maken.

Misschien wel omdat we bleven varen in de mammoettanker die Onderwijs heet. Naast die andere mammoettanker, die zorg heet.

Mijn pleidooi: durf uit bestaande vaarwateren te komen. Uit die logge schepen. Die dienen een ander doel.

Máák die surprise, denk out of the box. Geef de regie aan de groep mensen die onze kinderen vanaf hun geboorte volgt en op onze scholen komt. Zodat we altijd in gesprek kunnen met hen om te weten welke lijnen er lopen. Denk inclusief, denk eenvoudig: maak van bijzondere kinderen geen ‘zorgkinderen’, maar licht voor (waar nog veel winst valt te behalen), ondersteun en laat los, waar passend. Leid mensen anders op. Geef onderwijs een bredere inhoud, uitgaand van de ontwikkeling van kinderen. Laat onderwijs en zorg vloeiend in elkaar overlopen.

We zijn tenslotte allemaal, om maar met de heerlijke, kernachtige term van de Grote Vriendelijke Reus te spreken ‘mensbaksels’. Uniek en tegelijkertijd universeel.

Laat de term ‘Passend’ eenvoudig en procesmatig zijn. Gedicht op de buitenkant.

Duidelijk en afgestemd, in alle redelijkheid.

In het kader van eenvoud slechts één reflectievraag:

Hoe kun je (of kunnen jullie) DEZE WEEK de deugd van de week eenvoud toepassen? Bedenk – heel praktisch – waar, wanneer, hoe en met wie je de deugd kunt gebruiken/oefenen.

Aanknopingspunt: kijk welke zin je aanspreekt en DOE daar wat mee.

Deugden moet je doen: act on virtues!

Bestel Het Deugdenspel of een Deugdenboek

Facebooktwitterlinkedin